Algemene stukken Vrij Maldegem

“Ik word gepest! Het is een hel…”: de getuigenissen

Vrij Maldegem pakte een week of twee geleden uit met een geruchtmakend informatief artikel over pestgedrag bij jongeren. Veel van onze lezers schrokken hoe pijnlijk diep de psychische impact van pesten wel kan zijn. Maar niets spreekt zo’n duidelijke taal als de getuigenissen van de mensen die het ondergaan zelf. En dus stuurden wij onze jongerenmedewerkster Julie Pierens op pad om bij een aantal gepeste jongeren te peilen naar de schade en de littekens. Het werd geen gemakkelijke zoektocht, want veel van de slachtoffers durven niet spreken uit schaamte en uit angst om nog meer gepest te worden. Toch vond Julie twee jongeren bereid om het taboe te doorbreken en te getuigen over de hel waarin ze dagelijks moeten leven. Om begrijpelijke redenen wensen de twee anoniem te blijven. Vandaar dat we geen herkenbare foto’s publiceren en dat we de jongeren laten getuigen onder een valse naam. Laten we ze voor het gemak Maarten en Maaike noemen. Maaike is 17 jaar en studeert sociaal technische wetenschappen, Maarten is 19, heeft autisme en studeert Development.

Vrij Maldegem: Hoe is het pesten begonnen?

Maaike: “Mijn verhaal begint in het tweede leerjaar. Een leerkracht vertelde mijn ouders op het oudercontact dat ik te veel fantasie had. Ik moest volgens haar opgenomen worden in een psychiatrische instelling. Door die leerkracht begonnen ook de meisjes waarmee ik in de klas zat zo’n dingen te zeggen. Ik was gek in mijn hoofd volgens hen. Dit was de start van alles, maar het werd steeds erger.”

Maarten: “Bij mij is dat begonnen rond mijn 6 jaar, toen ik in het eerste leerjaar zat. Ik had als kind al door dat ik anders was dan de rest. Ik viel op in de groep. Ik was drukker dan anderen, omdat ik ADHD had. In een klas van drieëntwintig werd ik dus al snel het middelpunt van spot. Ik was immers de vreemde eend in de bijt. Dat viel al snel op.”

Vrij Maldegem: Weet je waarom jij het slachtoffer werd?

Maaike: “Ik ben hoog-sensitief. Dat wil dus zeggen dat ik overgevoelig ben en daar wordt vaak misbruik van gemaakt. Het is voor mij moeilijk om mijn gevoelens te verbergen. Je ziet duidelijk wanneer ik gelukkig ben of gekwetst ben. Pesters vinden het leuk om te zien dat ze je raken… Dat wat ze zeggen of doen je pijn doet. Daar genieten ze van en dat maakt mij een makkelijker doelwit dan iemand die niet hoog-sensitief is.”

Maarten: “Ik heb Asperger, een vorm van autisme, waardoor ik wel een makkelijker doelwit ben. Ik reageerde anders dan de rest. Meestal heftiger of agressiever. De pesters vonden het dan ook leuk om zo’n reacties uit te lokken. Naast mijn autisme stotterde ik ook als kind, bovenop. Tja, dan ben je als kind natuurlijk een makkelijk target.”

Vrij Maldegem: Wat deden de pesters vooral?

Maaike: “Het is begonnen met uitsluiten. Maar het werd al snel erger en dan veranderde het naar fysiek pesten. Ze gooiden me op de grond of sloegen me in elkaar. Ik kwam elke avond al huilend thuis. Op een bepaald moment werd ik zelfs zomaar beschuldigd van diefstal. Ik werd verdacht van het stelen van een gsm. Ze hebben al mijn gerief doorzocht op zoek naar het toestel. Achteraf bleek dat het meisje dat mij had beschuldigd zelf de gsm gestolen had, zodat ze mij kon beschuldigen. Ze kon het blijkbaar niet verdragen dat er toch nog een par anderen waren die mij niet wilden isoleren en pesten. Later ging het pesten over in het gericht stuk maken van mijn cursussen en werd ik continu uitgescholden. Dat is nog steeds zo. Ik word nog altijd uitgesloten en uitgescholden. Ongeacht wat ik ook al heb geprobeerd en ondernomen om het te laten stoppen.”

Maarten: “Ik werd uitgesloten. Het zat vaak in kleine dingen. De pesters probeerden mij af te breken en scholden me uit. In het begin werd er vooral verbaal gepest. Ze noemden me dom, want ik kon niet hoofdrekenen door mijn Asperger. Ook het stotteren deden ze na om mij belachelijk te maken. Ik reageerde agressief op de pesterijen waardoor ik dan gestraft werd. Mijn leerkrachten wisten op dat moment nog niet dat ik Asperger had.”

Vrij Maldegem: Wat is het ergste dat je meegemaakt hebt?

Maaike: “In het lager ben ik uitgevlogen op andere leerlingen omdat ze mijn broertje in elkaar aan het slaan waren. Zo pakten ze hem én mij tegelijk aan. Ik heb mijn broertje toen letterlijk uit dat gevecht moeten trekken. Op dat moment was er trouwens een meisje die voor mij en mijn broertje opkwam. Zij werd zelf gepest door dezelfde groep. Ze wist dus hoe ver ze durfden gaan. Nu zitten we nog steeds samen op de bus en kan ik nog steeds terecht bij haar met al mijn miserie.”

Maarten: “Het ergste was op het speelplein in de vakantie. Mijn ouders moesten werken, dus ik moest naar het speelplein. Ik zag de pesters van op school terug en het pesten begon onmiddellijk ook daar terug. Op een bepaalde dag hadden ze mijn brooddoos afgenomen. Ze namen mijn boterhammen mee, haalden het beleg er van tussen en smeerden er uitwerpselen tussen…”

Vrij Maldegem: Hoe ging jij om met de pesterijen? Wat deed het met je?

Maaike: “Het maakte mij kapot. Ik huilde elke avond. Heel vaak stond ik ’s morgens op met vuurrode ogen door al het huilen. Ik probeerde het te verbergen door mijn haar voor mijn gezicht te hangen, zodat niemand het kon zien. Mijn zelfvertrouwen daalde ook enorm en is nog steeds vrij laag. Ik ga nog steeds naar de psycholoog hiervoor. Ik heb ook dingen afgezegd om het pesten te vermijden. Zo ga ik niet mee op eindejaarsreis. Ik ben ook niet mee geweest op uitstap naar Auschwitz. Doordat ik hoog-sensitief ben zou ik in paniek slaan door alles wat ik daar zou zien. Uit angst om belachelijk gemaakt te worden heb ik besloten om niet mee te gaan.”

Maarten: “Ik werd agressief. Ik heb van mijn eerste tot mijn derde middelbaar thuisbegeleiding gekregen met 6 maand nabegeleiding. Ik heb therapie gevolgd, dus nu is alles onder controle. Ik heb geleerd om het anders aan te pakken. Als iemand mij nu kwetst,
zonder ik me af. Ik vorm een soort bubbel rond mezelf totdat ik gekalmeerd ben. Ik was ook vaak de persoon die de samenvatting voor de klas moest maken, maar daar heb ik mij na een tijdje tegen verzet. Vanaf mijn vierde middelbaar ben ik op internaat gegaan. Daar vond ik een geode vriend, die mij door de laatste jaren van het middelbaar sleurde. Ik blijf hem eeuwig dankbaar daarvoor.

Vrij Maldegem: Bij wie kon je steun vinden?

Maaike: “Ik kon altijd bij mijn mama terecht, maar de laatste jaren heb ik meer steun aan mijn kleinere broer. Hij is nu dertien, maar omdat ik vroeger voor hem ben opgekomen en er toen was voor hem, wil hij er op zijn beurt zijn voor mij. Ik heb meer aan hem dan aan mijn ouders. Zij proberen mij te helpen met hun visie over hoe ik de situatie het best kan aanpakken, maar dat helpt niet. Bij mijn broertje kan ik echt mijn hart luchten zondermeer. Dat doet vaak meer deugd dan een pak goede raad.”

Maarten: “Ik kon vooral bij mijn mama terecht. Mijn papa heeft ook Asperger, dus ze weet hoe ze er mee om moet gaan. Ook mijn neef en nicht stonden altijd voor mij klaar. En ja, ook mijn paar beste vrienden. Maar onder leeftijdgenoten is dat niet altijd even makkelijk. Ze zijn weliswaar van heel goede wil, maar ze begrijpen de essentie niet altijd. Ik heb vijftien vrienden waar ik alles tegen kan zeggen, maar van die vijftien zijn er maar drie die mij echt begrijpen. Hun reactie is anders dan de rest als ik vertel over mijn Asperger. Ik kan natuurlijk ook niet verwachten dat iedereen mij begrijpt, maar het doet wel deugd dat er toch een paar mensen zijn die snappen hoe het er aan toe gaat in mijn hoofd. Zonder hen zou ik hier niet staan.”

Vrij Maldegem: Hoe is het pesten nu?

Maaike: Ik word nog steeds gepest. Dag in, dag uit. Het pesten is doorheen de jaren wel enkele keren gestopt, maar het begon telkens opnieuw. Dan begon alles terug van bij het begin. Ik zit ook in de klas met de mensen die mij nu pesten. De mensen die mij in het lager of middelbaar pestten zie ik niet meer. Als ik weet dat ik ze zou terugzien, zorg ik wel dat er een vriendin bij is. Ik zou me zeker afzijdig houden, want ze hebben al genoeg verpest voor mij.”

Maarten: “Ik word nu niet meer gepest. Ik zie mijn pesters ook niet meer. Het is misschien wat vreemd om te zeggen, maar soms wil ik die mensen wel terugzien. Gewoon om te tonen dat ze mij niet klein gekregen hebben. Als je goed luistert naar het liedje “Reünie” van Snelle dan weet je wel wat ik bedoel. Ik heb wel nog altijd littekens van toen. Ik ben nu creatief bezig: ik schrijf gedichten, ik teken, ik maak ontwerpen. In mijn werken zitten invloeden van de pesterijen. Ik doe dat bewust. Het is vaak mijn bedoeling dat de persoon die mijn werk zien of leest zoekt naar dingen die ik erin verwerkt heb.”

Vrij Maldegem: Heb jij nog tips voor mensen die gepest worden?

Maaike: “Kom op voor jezelf als je dat kan. Als je dat niet doet, gaat de situatie alleen maar verergeren. Pesters hebben snel in de gaten dat ze je fysiek of mentaal kunnen kraken en gaan ze steevast telkens een stap verder. Het heeft geen zin om te denken dat het zomaar
zal overgaan, want dat gebeurt niet. Wacht niet af, maar zoek hulp bij een andere leerling, leerkracht of je ouders. Hulp zoeken is altijd een goede oplossing.”

Maarten: “Als je vroeger gepest werd of wordt, kom alstublieft naar buiten met je verhaal. Praat erover. Maakt niet uit met wie, maar hou het alstublieft niet voor jezelf. Er alleen mee rondlopen en blijven piekeren maakt je gek. Het is goed dat er steeds meer acties op poten gezet worden tegen pesten, maar meestal laten pesters zich daar niet door afschrikken. Integendeel. Als ze weten dat je het toch zwijgt, gaan ze genadeloos door. Tot je breekt! En verder! Ik ben van mening dat we de manier waarop we met pesten omgaan moeten veranderen. We zijn bang om met ons verhaal te doen, omdat we ons schamen. Maar het is niet iets om beschaamd over te zijn en helaas… niet zelden zijn pesters vaak zelf ook slachtoffer geweest.”

Een gedicht van Maarten:

‘Ik sloot mijn mond om met je te praten
Ik sloot mijn ogen om je te zien
Ik sloot mijn hart om je lief te hebben.
Ik verloor mijn verstand om je te begrijpen
Ik gaf vrienden op om bij je te zijn
En nu sta ik hier alleen zonder jou
Met een gesloten en gebroken hart
Maar ik hou nog van je zonder liefde’

Ben je zelf ook een slachtoffer van pestgedrag, bespreek het met je ouders, leerkrachten, vrienden of het CLB. Daarnaast zijn er ook tal van organisaties waar je terecht kan. Awel, Teleonthaal, Tumult, Kieskleurtegenpesten, Aktos en Leefsleutels zijn er maar enkele. Krop het alstublieft niet op! Laat jouw leven niet tot een hel maken door enkele idioten. Praat erover! Wacht niet tot morgen. Doe het NU!

(Dit artikel werd gepubliceerd in het Vrij Maldegem op vrijdag 20 maart 2020.)